
Wie alleen naar de hoeveelheid kijkt, zou Q1 2026 als onbeduidend kunnen afdoen. Volgens de World Gold Council (WGC) steeg de wereldwijde goudvraag (inclusief OTC) ten opzichte van vorig jaar slechts met 2 procent naar 1.231 ton. Tegelijkertijd meldt de WGC echter een historisch record in een andere dimensie: De waarde van de vraag steeg met 74 procent naar 193 miljard Amerikaanse dollar.
Deze combinatie vormt de kern van het huidige debat: goud wordt niet noodzakelijkerwijs „veel meer“ gekocht, maar tegen aanzienlijk hogere prijzen – en de kopersstructuur verschuift zichtbaar in de richting van beleggingen.
De recordwaarde in Amerikaanse dollars is in de eerste plaats een prijsverhaal. Goud heeft de afgelopen maanden extreem hoge niveaus gezien en blijft ook op 29-04-2026 op een niveau dat historisch uitzonderlijk is. Reuters meldt op dezelfde dag een spotprijs van rond de 4.567 Amerikaanse dollar per ounce (dagelijks actueel met schommelingen).
Wanneer prijzen zo sterk stijgen, kan de waarde van de vraag exploderen, zelfs als de tonnage slechts licht groeit. Voor beleggers is dit belangrijk omdat er twee verschillende signalen uit voortvloeien:
Ten eerste toont de tonnage aan hoe groot de „fysieke eetlust“ van de markt is. Ten tweede toont de dollarwaarde aan hoeveel koopkracht er daadwerkelijk in goud vloeit – en hoe sterk goud momenteel gewogen wordt in de vermogensmix.
De WGC beschrijft voor Q1 2026 een duidelijke trend: Vraag naar sieraden in tonnen onder druk, terwijl beleggingskanalen groeien. Concreet noemt het rapport een vraag naar sieraden van –23 procent (volume), bij gelijktijdig +31 procent (uitgaven) – een typisch patroon in periodes van hoge prijzen.
De tegenhanger hiervan is de beleggingsvraag, die in verschillende kanalen zichtbaar werd:
Goud-ETF's registreerden in het kwartaal instromen van 62 ton, hoewel aanzienlijk minder dan in het uitzonderlijk sterke kwartaal van het voorgaande jaar (Q1 2025), wat de sterke vergelijking met vorig jaar (–73 procent) verklaart.
Tegelijkertijd steeg de vraag naar baren en munten naar 474 ton, wat overeenkomt met +42 procent ten opzichte van vorig jaar – en precies hier ligt volgens de WGC de meest opvallende dynamiek.
Ook de centrale banken blijven een centrale rol spelen. De WGC rapporteert voor Q1 2026 netto-aankopen van 244 ton, +3 procent ten opzichte van vorig jaar. Tegelijkertijd was er een „zichtbare toename“ van verkopen in het kwartaal, wat aantoont: de officiële voorraad is geen eenrichtingsverkeer, maar het netto-signaal blijft positief.
Voor particuliere beleggers moet dit minder als een „koersgarantie“ worden gelezen, maar eerder als structurele informatie: als centrale banken bij hoge prijzen netto blijven kopen, dan blijft goud een strategische bouwsteen in de geopolitieke risicoarchitectuur van veel staten.
De toename van 42 procent bij baren en munten is het cijfer waar velen momenteel over spreken – omdat het een zeer directe reactie van beleggers weerspiegelt. WGC-analyses tonen daarbij bijzonder sterke impulsen uit Azië, waaronder China.
Dit past ook bij het marktnarratief: in fasen van grote onzekerheid grijpen beleggers vaak naar „eenvoudige“, goed begrijpelijke vormen van goudbezit. Terwijl ETF's eerder tactisch verhandeld kunnen worden en sieraden sterker afhankelijk zijn van consumptie, is de aankoop van baren en munten vaak een bewuste vermogensbeslissing.
Een veelvoorkomende misvatting is: „Als goud terugkomt van zijn hoogtepunt, wordt het onmiddellijk massaal gekocht.“ De realiteit is genuanceerder. In Q1 2026 speelde niet alleen het prijsniveau een rol, maar ook de vraag hoe beleggers risico's inschatten, liquiditeit beheren en welke beleggingsalternatieven (rente, valuta, aandelen) momenteel domineren. Reuters verwijst op 29-04-2026 bovendien naar de grote aandacht voor het Amerikaanse monetaire beleid en de invloed van inflatieverwachtingen – beide factoren die op korte termijn ook tegen goud kunnen werken.
Daarom is de meest zinvolle interpretatie van de Q1-cijfers niet „goud moet nu stijgen“, maar: De markt herverdeelt zijn goudvraag. Meer beleggingen, minder sieraden, centrale banken stabiel, ETF's selectief.
| Segment (wereldwijd) | Q1 2026 | Verandering t.o.v. Q1 2025 |
|---|---|---|
| Totale vraag (incl. OTC) | 1.231 t | +2 % |
| Waarde van de totale vraag | 193 miljard USD | +74 % |
| Baren & munten | 474 t | +42 % |
| Goud-ETF's (netto-instroom) | +62 t | –73 % |
| Centrale banken (netto) | 244 t | +3 % |
Bron: World Gold Council, Gold Demand Trends Q1 2026.
Q1 2026 geeft een duidelijke boodschap: Goud wordt niet alleen als prijs, maar als functie gekocht.
Wanneer sieraden verzwakken, is dat niet automatisch „slecht“ voor goud – het is vaak een teken dat goud als consumptiegoed lijdt, terwijl goud als vermogensbouwsteen wint. Als ETF's minder sterk groeien dan in het uitzonderlijke jaar daarvoor, kan dat simpelweg normalisatie betekenen. En als baren en munten krachtig groeien, is dat vaak een aanwijzing voor een bredere risicoperceptie gedreven door particuliere beleggers.
Voor spar.gold is het daarbij cruciaal dat beleggers goud niet als een kortetermijnweddenschap hoeven te beschouwen, maar als een strategische aanvulling in de portefeuille – digitaal beheerd, maar met een duidelijke focus op fysiek goud als basis.
Blijf vooruitkijken
Uw Helge Peter Ippensen
